
Op welke KPI’s leggen Vlaamse accountants de focus op volgend jaar?
Bijgewerkt:
Een KPI (Key Performance Indicator) is er om je kantoor te sturen op feiten in plaats van op buikgevoel. En als we één ding leren uit de Accountancy KPI Barometer*, dan is het dit: accountants willen vooruit, maar in de praktijk blijkt de stap van ambitie naar realiteit niet altijd vanzelfsprekend.
Over heel Vlaanderen heen springen twee KPI’s er duidelijk uit als absolute prioriteiten voor het komende jaar: automatisatie en klantentevredenheid. Automatisatie blijft de hefboom om efficiënter te werken, fouten te beperken en ruimte te creëren voor advies. Klantentevredenheid bepaalt dan weer of klanten blijven, groeien én je aanbevelen.
In de grafiek hieronder zie je de KPI’s, waar kantoren volgend jaar op willen focussen.
*De Accountancy KPI Barometer is een grootschalig, datagedreven onderzoek bij 169 unieke Vlaamse accountantskantoren. Het rapport laat zien hoe het Vlaamse accountantskantoor er vandaag écht voor staat en is een praktische reality check voor iedereen die een kantoor leidt of wil laten groeien.

Groeien mag geen extra druk op het team worden
In het rapport zit een nuance die belangrijk is om mee te nemen: groeien in dossiers met je huidige personeel kan een haalbare groeistrategie zijn, op voorwaarde dat je er ook daadwerkelijk in slaagt om meer efficiëntie te creëren. Automatisatie speelt daarin een belangrijke rol. Alleen: die groei mag niet betekenen dat je team “gewoon wat harder moet werken”.
Automatisatie hoort net ademruimte te creëren. Minder manueel werk, minder nabewerking, minder stress tijdens de btw-periode. En dus ook: meer ruimte om de kwaliteit van klantrelaties te verhogen. Wie een groeistrategie uittekent, doet er daarom goed aan om niet alleen extern te meten (bij klanten), maar ook intern (bij je medewerkers).
Want als je meer dossiers wil opnemen met hetzelfde team, wordt de gezondheid van dat team minstens even belangrijk als de tevredenheid van je klanten. Personeelsverloop, werkdruk en werkplezier verdienen dan een hogere plek op de prioriteitenlijst. Een eNPS-bevraging of korte, frequente check-ins geven vaak sneller richting dan een jaarlijkse evaluatie. Want groei werkt pas echt duurzaam als je capaciteit, energie en werkplezier onder controle blijven.
Regionale accenten: groei, marge of retentie
En dan wordt het écht interessant. Hoewel automatisatie en klantentevredenheid in heel Vlaanderen de top domineren, zien we per provincie een heel eigen “derde pijler”. Die vertelt veel over welke KPI kantoren regionaal zien als hun volgende strategische hefboom.
In Antwerpen en West‑Vlaanderen staat winstmarge sterker op de agenda. Dat wijst op kantoren die bewuster willen sturen op rendabiliteit per dossier, een gezondere prijszetting en scherpere keuzes in welke klanten nog passen. Hier loont het om marge echt zichtbaar te maken, bijvoorbeeld per type dossier of klantsegment, en automatisatie te koppelen aan rendabiliteit: wat automatiseer je eerst om winst te beschermen?
In Oost‑Vlaanderen en Limburg krijgt omzetgroei de hoogste prioriteit. Dat kan gaan over meer dossiers, grotere klanten of extra diensten. Maar de kern blijft dezelfde: groei wordt pas een voordeel als je processen schaalbaar zijn. Automatisatie is dan niet een “nice to have”, maar de basis die ervoor zorgt dat groei niet op extra stress of overuren drijft.
Vlaams‑Brabant kiest dan weer opvallend resoluut voor klantretentie. En dat is een heel rationele keuze: overnames worden duurder, verwachtingen van klanten stijgen, en stabiliteit als zeker factor wint aan belang. Retentie is vaak de snelste route naar voorspelbare omzet en meer rust in het kantoor.
Tip! Maak retentie concreet: 1. Breng in kaart welke klanten risico lopen om te vertrekken. 2. Welke signalen vang je op (bv. reactiesnelheid) 3. Ga proactief in gesprek met klanten om de signalen te bespreken.

Wat je doet voor klanten, moet je ook intern doen
De rode draad doorheen Vlaanderen is duidelijk: kantoren willen vooruit met automatisatie en klantentevredenheid, maar de barometer toont ook dat het pas duurzaam wordt als je daarnaast ook intern je medewerkers bevraagt.
Als je van klanten verwacht dat ze feedback geven, is het logisch om diezelfde reflex intern te hebben. Wat je extern organiseert om klanten te behouden en tevreden te houden, kan je intern vertalen naar je werknemers: luisteren, meten, opvolgen en verbeteren. Want uiteindelijk is een gezonde klantrelatie vaak het resultaat van een gezond team.